Nedersaksisch

Artikel uit De Twentsche Courant Tubantia van 11-09-2001

Herman Broeze vindt nieuwe hobby in vertalen kerkliederen
‘God verstaat mij ook in mijn streektaal’

RIJSSEN - In de Ontmoetingskerk aan de Boomkamp in Rijssen wordt zondag 30 september voor de vierde keer een dialectdienst gehouden. Voorganger is dominee E.J. Veldman uit Hengelo.

Voor veel kerkgangers was het wennen, toen de evangelisatiecommissie van de gereformeerde kerk in 1995 met het initiatief kwam voor een dienst in de streektaal.
De speciale eredienstcommissie had wel onderzocht of er behoefte was aan zo’n dienst. ‘De kerk was er aan toe’, zegt Herman Broeze die deel uitmaakt van die commissie. ‘Maar het onderwerp ligt gevoelig’, merkte hij. ‘Dat komt’, weet Broeze, ‘omdat voor veel mensen bij een kerkdienst de Nederlandse taal hoort. Richt je het woord tot God, dan doe je dat in het Nederlands’, meent een deel van de geloofsgenoten. ‘Dialect vinden ze oneerbiedig, die mensen blijf je houden.’
Broeze heeft daar een afwijkende mening over. Als uitvaartverzorger heeft de Markeloër van doen met mensen die met de dood worden geconfrontreerd. Veel van die mensen praten in hun dagelijkse leven ‘plat’. ‘Merkt zo iemand, in een moeilijke fase in het leven, dat ik Twents praat, dan is dat een hele opluchting.’ Net als de dood is een kerkdienst, waarbij gelovigen in contact treden met God, een heel persoonlijk moment. Broeze: ‘Waarom dan niet kiezen voor een taal die dicht bij jezelf ligt? God maakt het niets uit. Die verstaat mij ook in m’n streektaal’, is hij overtuigd. 

Winkelen
Voor de mede-organisator stond vast dat het niet een oecumenische dienst moest worden, zoals in veel andere Twentse gemeenten het geval is. Daarom wordt een voorganger gezocht van gereformeerde huize. Bij de samenstelling van de dienst gaat Broeze uit van wat de ‘eigen’ kerkgangers gewend zijn. ‘We kiezen voor een dienst met een evangeliserend karakter, waarbij iedereen welkom is’, zegt Broeze die heeft geconstateerd dat kerkgangers steeds vaker een uitstapje maken naar een andere kerk, ook als ze er een eind voor moeten reizen. De Markeloër noemt het ‘kerkelijk winkelen’. ‘Maar zo’n dialectdienst trekt ook mensen die doorgaans niet naar de kerk gaan of die er slechts af en toe komen. Die moet je ook aanspreken’, zegt Broeze.
Pas toen de eredienstcommissie gemeenteleden benaderde, met het verzoek plaats te nemen in een speciaal koor, werden ze enthousiast. Resultaat is Lofleed, een gelegenheidskoor met 35 leden, dat kerkliederen zingt in het dialect. Dirigent is Wout Ligterink, die ook andere koren binnen de Ontmoetingskerk onder zijn hoede heeft. Broeze zelf bekwaamde zich in het vertalen van teksten. Een bezigheid die een nieuwe hobby werd. Op de lijst met vertalingen staan inmiddels onder meer: ‘Leed van de Oprechtheid’, ‘Mien God wat ne mooi’n dag’, ‘Vrea in oe Leamn’ en ‘’t Hemmelriek van God’. Aan de vertaling van het Engelse Nobody knows the trouble I’ve seen werkt Broeze nog. In de streektaal luidt de titel van hetzelfde lied: ‘Gen ene weet wa mie smangs dwas zit’.
Over het uitspreken van de teksten die hij schrijft moet Broeze soms in discussie. ‘In Markelo hebben ze het over ‘karke’, en dat zet Herman dan op papier’, vertelt Gerdy van Brussel die de dienst samen met Broeze voorbereidt. ‘Moet ik een tekst voordragen waarin het woord ‘karke’ staat, dan vertaal ik het onmiddellijk in ‘koarke’ zoals het in Rijssen wordt uitgesproken’, zegt Van Brussel. De teksten die het koor zingt worden niet op z’n Rijssens uitgesproken. Broeze: ‘Soms treden we elders op en daarom kiezen we voor een neutrale klank.’





 
Google
 
Web Deze website